Weet je dat

Bestaat mollenliefde?

 

Mollenliefde

 

Bestaat er zoiets als mollenliefde? Die vraag stel ik mezelf keer op keer.

Het ene dier doet er alles aan om goed voor de dag te komen, een ander dier wil er alleen zijn voor de voortplanting. Maar hoe zit dat nou bij onze mollen? Om een mol te zien is al een hele opgave, het dier leeft namelijk ondergronds. Als je ze te zien krijgt is dat meestal in de snavel van een roofvogel. Al is dat al een geluk als je zoiets mag waarnemen.

 

De mol (Talpa europaea) brengt een kwart van zijn leven door met het zoeken naar voedsel, dat zij ondergronds vinden in de vorm van alleen dierlijk voedsel, zoals spinnen, slakken, wormen, larven en soms zelfs een muis of een kikker. Ook eieren worden niet gespaard. Een mol eet gemiddeld 50% van zijn lichaamsgewicht per dag. Mollen zorgen in het najaar voor een goede wintervoorraad. Omdat b.v. wormen er van door zouden gaan, bijt de mol de kop eraf, zodat deze verlamt raakt.

Ondergronds is er geen dag en nacht, altijd donker. Je zou denken dat een mol een onwillekeurig ritme aan neemt. Maar dat is niet zo. Alles heeft zijn tijd, zoals lopen, graven, eten en rusten worden zorgvuldig door de mol gedaan, alles in het juiste ritme.

Eveneens gaat er een kwart van de tijd op aan graven en het herstellen van gangen. Dat is zwaar werk voor de mol. Zijn supermarkt is ondergronds, dus zijn boodschappen kan hij onderwijl doen. Zo spaart hij tijd voor het overige.

 

Mollen zijn gemiddeld 11 tot 16 cm groot en hebben een gewicht tussen 30 en 130 gram. Hun vacht is zwart fluweel, waarin de haren in beide richtingen zijn ingeplant, zodat het dier gemakkelijk voor als achteruit kan gaan.

            

De voorpoten hebben 5 vingers met puntige nagels, die goed van pas komen bij het graven. Zo'n gang noemen we een mollenrit, die wel 1.20 meter diep kan zijn. Ook al heeft de mol ogen, hij kan weinig zien. Wel handig onder de grond. Maar blind is hij niet. Hij kan licht en donker onderscheiden. Heb jij wel eens oortjes bij een mol gezien? Nee, want een mol heeft geen uitwendige oren. Maar wel een gevoelige roze snuit met snorharen en tastzenuwen. Hij heeft ook een schattig klein staartje

Bestaat er eigenlijk mollenliefde? Eigenlijk niet. Mollen leven solitair, wat wil zeggen dat ze een groot deel van het jaar alleen leven. Als er een andere mol of ander dier in zijn privégebied komt, zal hij dat hardhandig verdedigen. Tot de dood erop volgt. De overwinnaar zal de dode tegenstander opeten. Maar als het soms toch gebeurd dat er een ander in het gangenstelsel komt, wordt er gecommuniceerd met geuren en geluid. Als je geen bezoek wilt, dan plas je toch gewoon voor de deur.

Alleen in de paartijd gaat de mol op zoek naar een partner. Begin februari verlaten de mannen hun terratorium en gaan op zoek naar een dame. Enkele weken graven ze of hun leven er vanaf hangt. Overal gaan ze doorheen. Sloten, wallen, soms over grote afstanden, niets wordt gespaart. Ja, je moet er wat voor over hebben. En dat ze succesvol zijn moge duidelijk wezen. Een groot stellengansel wordt gegraven. Dit noemen we bronstgangen. Deze gangen lopen soms door het privégebied van een ander mannetje. Vaker dan ze lief is, kost dat dus vaak het leven van één van beide.

Maar als de mol zijn dame gevonden heeft, dan mag hij een paar uur bij haar blijven. Niet voor de gezelligheid hoor, maar er moet hard gewerkt worden aan het nageslacht. De geslachtsdaad zelf duurd maar enkele minuten. En dan.......... dan moet hij maken dat hij weg komt.

Dames zijn niet zo trouw aan hun partner. Als er weer een mannetje bij het vrouwtje verschijnt, zal er weer een geslachtsdaad plaatsvinden. Dit alles om er zeker van te zijn dat er een nageslacht komt.

Dan maakt de aanstaande moeder het nest gereed voor haar jongen. Ze gebruikt daarvoor bladeren, gras, mos, en zelfs papier. Daarna graaft zij verschillende gangen van ongeveer 5 cm breed en zo'n 200 meter lang, waarvan zij de wanden verstevigd. Het overtollige zand werkt zij naar boven, waar wij ze waarnemen als molshopen.

De jongen komen in mei/juni, na een draagperiode van 4 tot 6 weken, naakt en blind ter wereld. De zorg voor de jonge mollen is een taak van het vrouwtje. Na 2 weken krijgen de kleintjes hun vacht en een week later gaan de oogjes open. En nog een week later gaan de kleintjes voor het eerst op pad. Ze worden tot ongeveer 5 weken door de moeder gevoed. En na 2 maanden zijn ze zelfstandig en gaan opzoek naar een eigen plekje. Mollen leven 3 tot 7 jaar.

Waarheid of bijgeloof?

Vroeger werd geloofd dat, als je een mollenpoot meedraagd, het voor geluk staat. En b.v. kinderen zouden minder pijn hebben bij het krijgen van tandjes.

 

Dus, bestaat mollenliefde? Het antwoord is duidelijk, ,nee.